Kunstaankopen, kunstbehoud, monografieën, exposities
Frans & Kapma Foundation

Galerij

Er is zoveel geweldige kunst! Kunst die gedachten laat dwalen, emoties oproept en
nieuwsgierig maakt naar de verhalen erachter.
Een kleine impressie van kunst die ons raakt!

Maak kennis met de kunstenaars, vertegenwoordigd in de FRANS & KAPMA COLLECTIE.

109. Helen Martina
110. Chris Soer
111. Ada Stel
112. F.A. Mooy
113. Nico van Rijn
114. Jack Jefferys
115. Laetitia de Haas
116. Willem van den Berg
117. Aris Knikker
118. Herman Bieling
119. János Bittenbinder
120. Cornelis Vreedenburgh


'Wapperend wasgoed in Nieuwkoop', ca. 1947,
Aquarel op papier, 34 x 50 cm,
Gesigneerd: l.o. 'a.j.zwart'
Arie Zwart (1902-1981)

Adrianus Johannes ('Arie') Zwart leidt meer dan veertig jaar een zwervend bestaan. In 1933 koopt hij een oude verhuiswagen, die omgebouwd wordt tot woonwagen: 'De Planeta'. Hij huurt een voerman met paarden, die hem met zijn vrouw Lenie Sangster en twee kinderen naar Lage Mierde in Brabant brengt. Het plan om ermee door Frankrijk te reizen strandt, omdat hij de verplichte invoerrechten voor zijn boedel niet kan betalen en hij geen notarieel bewijs van financiële zelfstandigheid kan overleggen. 'De Planeta' verhuist uiteindelijk naar Zaltbommel. Ondertussen schildert en tekent hij wat hij ziet, waaronder veel landschappen. Als het derde kind wordt geboren is de woonwagen te klein. Door de erfenis van tante Neeltje laat hij een woonboot bouwen en vanaf 1936 trekt het gezin door de Nederlandse wateren: van Gorinchem tot Giethoorn en van Alkmaar naar Nieuwkoop. Soms ligt 'De Trekschuit' ergens langere tijd voor anker en worden exposities op de boot gehouden.

De 11-jarige, in Rijswijk geboren Arie wint op een huisvlijttentoonstelling een doos met verfspullen. Bij de prijs hoort een wekelijks bezoek aan de schilder Otto Kriens. Al snel blijkt, dat de jongen talent heeft. Thuis wordt echter verwacht dat Arie bij zijn vader in de zaak (aanvankelijk een bakkerij, later een groentenzaak) komt werken. Ze komen overeen dat Arie 's morgens om vier uur op de veiling helpt met de inkoop van groenten en fruit en dat hij overdag naar de Academie voor Beeldende Kunst in Den Haag mag. Hij komt in contact met kunsthandel Gebr. Koch, die wel wat ziet in de jonge schilder en zijn werk goed kan verkopen. Arie ontmoet er andere kunstenaars, zoals Louis Soonius, Wim Soer en Louis Meijs.

Gedurende WOII ligt de woonboot in het Balkengat in Meppel, later in Voorburg en na 1962 in Woerden. In de jaren vijftig maakt de schilder lange reizen naar België, Zuid-Frankrijk, Portugal, Spanje en Tunesië, waar zijn werk een impuls krijgt door het zuidelijke licht. In 1974 komt er een eind aan het zwerven als Arie en Lenie in het Rosa Spierhuis in Laren gaan wonen. Hier blijft Arie schilderen tot hij in 1981 overlijdt. In 2004 verschijnt de monografie 'Arie Zwart, een zwervend bestaan', dat een kleurrijk beeld schetst van een bijzonder buitenmens en eigenzinnig kunstenaar, die zich nimmer bij een kunstenaarsvereniging heeft aangesloten.